5006 Chasse patate

Mijn vrouw en ik kijken momenteel dagelijks (tenminste als we thuis zijn) via de televisie naar de ontknoping van de etappe van de Tour de France. ’s Avonds zijn we ook nog trouwe volger van het programma De Avondetappe. Vorige week was er een  situatie die door de twee commentatoren van de NOS, Herbert Dijkstra en Maarten Ducrot benoemd werd als Chasse patate.

Chasse patate (uit het Frans: Chasse, letterlijk “jacht”, Patate, letterlijk “aardappel”, maar figuurlijk “domoor”, “onnozelaar”) is een term , gebruikt wordt wanneer één renner (of, uitzonderlijk, meerdere renners) vanuit het peloton naar de kop(groep) demarreert en halverwege blijft hangen. Indien deze zijn achtervolging volhoudt (of zelfs begint) – zonder uitzicht op aansluiting bij die kop(groep) – wordt die achtervolging een chasse patate genoemd.

De renner levert een relatief grote inspanning om in zijn eentje voor het peloton uit te blijven, schijnbaar nog steeds jagend op de (kop)groep, maar verkiest, zonder de kans de uitslag van de wedstrijd nog te kunnen beïnvloeden (via enerzijds aansluiting bij de (kop)groep of anderzijds door zich terug te laten zakken in het peloton), deze aldus uitputtende maar weinig renderende inspanning toch vol te houden. Deze inspanning van deze renner valt daardoor niet (meer) serieus te nemen.

Tja . . . ik ben de naam van de renner vergeten die vorige week zo’n heilloze demarrage ondernam. Herbert en Maarten namen de actie van de renner niet serieus en lachten om de domme actie. Een echte Chasse patate

 

 

5004 De nationale trots van België

Een kleintje met stoofvleessaus en mayonaise, alstublieft. Un cornet de frites et tartare maison, s’il vous plaît. “Als er iets is wat de Belgen bij elkaar houdt, is het wel de friet. Eén op de drie vindt het onze nationale trots, méér nog dan bier of chocolade. Frieten betekenen voor een Waal hetzelfde als voor een Vlaming: de frietcultuur zit in onze genen. Ze geven ons identiteit”, zegt Peter Scholliers, professor emeritus aan de VUB en voedingshistoricus.
Lees hier meer >>>>>

Tja . . . kan me herinneren dat we in de jaren 70 nog eens een keer in België bij een frietkot gestopt zijn en friet gegeten hebben uit zo’n originele puntzak. Het smaakte goed.

Wij hebben de tulpen, de klompen en de kaas en de Belgen hun frieten, de nationale trots van België